‘Wil je nog een wijntje?’. De gastheer kijkt me vragend aan en houdt de fles omhoog. Ik twijfel, want ik heb wel zin in de wijn, maar niet meer zo om te kletsen. ‘Nee, ik houd het hierbij, dankjewel. Ik trek me zo terug, kinderenbedtijd’ zeg ik met een knipoog. Ik pak de riem van Saar en loop alleen van het erf af voor het laatste honderondje.

Een blogje over privacy. En dan geen internetprivacy, maar gewoon, je eigen, fysieke ruimte en tijd voor jezelf.

Fatsoen

Er zijn weken waarin ik (bijna) elke avond ergens anders sta, mee-eet, soms zelfs mee ga. Ook als ik niet op iemands eigen terrein sta, zoals op een openbare (gratis) camperplaats, heb ik gauw aanspraak van andere mensen en sta ik makkelijk een tijd lang te kletsen. Iedereen is toch nieuwsgierig naar mijn verhaal, misschien wordt zelfs aangenomen dat ik eenzaam ben omdat ik nu eenmaal alleen op pad ben – maar dat is slechts gissen.

Ik sta ook vaak bij mensen op hun privé-terrein, in hun ‘zone’. Ik maak soms gebruik van hun faciliteiten zoals stroom, water, toilet en douche, ze verwelkomen me met open armen in hun huis en tuin, met een drankje, vaak bieden ze me aan om mee te eten. Ze vragen me honderuit over wat ik doe (en laat) en waarom, ze delen hun eigen levensverhalen met mij. Je zit zo een halve dag of hele avond aan de keukentafel terwijl je hele fijne persoonlijke gesprekken voert. Ze laten vaak achterdeuren open staan als ze weg zijn zodat ik er nog gewoon in kan om het toilet te gebruiken. Kortom: mijn gastgezinnen zijn gastvrij en gezellig, en ze vertrouwen me.

Ik dien volgens mijn eigen normen en waarden in ruil dus mínstens beleefd te zijn en ja te zeggen tegen hun aanbod, of eerst lafjes te protesteren om me vervolgens o zo makkelijk over te laten halen.

En ik zeg graag ja. Want ja impliceert positivisme en verrassingen, en daar word ik blij van. Ik kán wel nee zeggen, maar ik zeg nou eenmaal graag ja tegen mensen. Iets in mij vindt dat ‘fatsoenlijk’.

 

Nee is ook een antwoord

Maar soms is nee beter voor mezelf. Of aangeven waar mijn eigen grenzen liggen, zonder dat ik (denk dat ik) mensen afwijs of teleurstel. Af en toe wordt het me namelijk een beetje teveel, steeds sociaal zijn en ‘onder de mensen’.

Nu ben ik iemand die heel gezellig kan doen en sociaal is, maar ik heb ook best veel ‘me-time’ nodig. Tijd alleen, om te lezen, mijmeren, bloggen, facebook te bekijken, wat te werken – maakt niet uit. Iets doen of laten waar ik zin in heb en waarbij ik niet hoef te entertainen of te praten. Ik ben enig kind en heb mezelf altijd moeten vermaken; dat is me altijd prima afgegaan. Tijdens mijn burn-out heb ik geleerd dat ik het niet alleen goed kán, maar ook echt nódig heb om alleen te zijn. Ik heb reflectietijd nodig en ruimte ‘om mijn eigen ding te doen’. Het maakt me een leuker en relaxter mens als ik aan die behoefte toegeef.

 

Aandacht

Maar er is nog een belangrijke reden. Ik merk dat ik wel eens denk ‘welk redelijk excuus kan ik bedenken om dit gesprek te beëindigen zodat ik even lekker kan bloggen, of mijn boekje kan lezen, of mijn eigen prakje koken?’. En dat is niet omdat ik het niet gezellig vind, of de mensen niet aardig. Maar ik voel me dan opeens onrustig, alsof er een deadline in mijn nek hijgt waarvoor ik nog iets af moet hebben. Terwijl de ander praat, gaan dingen door mijn hoofd als ‘o ja ik zou die ene facebookpost nog even live zetten vandaag’ en ‘ik wil toch echt weer eens een blog schrijven’. En dat voelt ook niet goed, want ik vind het eigenlijk niet zo respectvol om net te doen of ik luister maar eigenlijk ergens anders zit met mijn gedachten. Zij verdienen oprechte en volledige aandacht.

 

Leercurve

Maar hoe match ik dat met de fatsoensrakker in mij, die blijft zeggen ‘ze verwelkomen je, dus je moet wel op zijn minst gezellig met ze doen’?

Hoe zorg ik dat ik voldoende tijd en ruimte voor mezelf overhou, terwijl ik mijn gastheren en –vrouwen ook geef wat ze willen? -Hee, wacht even: hoe weet ik eigenlijk wat zij willen…? Heb ik dat gevraagd?

 

Dus zeg ik af en toe nee als de wijnfles voor mijn neus gehouden wordt, en ga ik de hond uitlaten. Of vertel ik hoeveel moeite ik soms heb om nee te zeggen omdat ik niet oneerbiedig over wil komen. Rekenend op begrip en instemming ;-).

Tips voor me? Graag 🙂